Verbindingen » De Heinenoordtunnel(s) » De tunnel was hard nodig

De tunnel was hard nodig

In de jaren zestig van de vorige eeuw werd de Barendrechtse Brug veel te smal voor het toenemende wegverkeer (zie ook het hoofdstuk over de brug). De brug paste niet in het plan om Rotterdam via de nieuwe rijksweg 29 te verbinden met de Hoeksche Waard, West-Brabant, Goeree-Overflakkee en Zeeland. Besloten werd om de brug te vervangen door een tunnel.

In 1966 begon het graafwerk voor de nieuwe tunnel. Het grootste deel van de tunnel bestaat uit betonnen delen. Ze zijn gebouwd in een nieuw aangelegd bouwdok van Rijkswaterstaat aan de Oude Maas. Deze tunnelstukken werden de rivier opgevaren en precies op de juiste plaats afgezonken.

De Heinenoordtunnel werd op 22 juli 1969 geopend, de dag dat de Barendrechtse Brug voor altijd werd gesloten. Enkele weken eerder, op 7 juli 1969, was de tunnel open voor wandelaars. Duizenden nieuwsgierigen maakten een wandeling door de nieuwe tunnel. Ze werden door bakkerij Hooimeijer getrakteerd op een koekje.

De nieuwe tunnel had in beide richtingen twee rijstroken voor het snelverkeer en een rijstrook voor het landbouwverkeer, voetgangers en fietsers. De tunnel sloot aan op rijksweg 29, die de gemeente Barendrecht nu in tweeën deelde. Wie van Barendrecht naar Smitshoek ging, kon op vier plaatsen onder de rijksweg door: via tunneltjes bij de Achterzeedijk, de Middeldijk en de Voordijk en over de Kilweg.
Dankzij de tunnel verdwenen de lange files op de Barendrechtseweg en de Achterzeedijk. Ook het scheepvaartverkeer over de Oude Maas werd niet meer gehinderd door een brug.
In de jaren zeventig en tachtig schaften steeds meer mensen een auto aan. Het werd dan ook steeds drukker in de tunnel. Het gevolg: weer lange files.

 

Het bouwdok aan de Achterzeedijk

Het bouwdok van de Heinenoordtunnel bestaat nog steeds en is te vinden aan de Achterzeedijk (ter hoogte van de Carnisseweg). De bodem ervan ligt tien meter beneden de zeespiegel.
Het dok heeft als groot voordeel dat hier aan een tunnel gewerkt kan worden, zonder dat de scheepvaart er last van heeft. Als de tunnelstukken klaar zijn, laat Rijkswaterstaat het dok vol water stromen. De tunneldelen kunnen dan naar de plaats van bestemming worden gesleept.
Sinds de bouw van de Heinenoordtunnel is het dok gebruikt voor het bouwen van tunnelstukken voor onder meer de HSL-tunnel bij Heerjansdam en de Tweede Beneluxtunnel bij Vlaardingen.
Het dok is eigendom van Rijkswaterstaat.

De Heinenoordtunnel in cijfers

 

Bouwtijd drie en een half jaar
Lengte tunnel 614 meter
Lengte tunnel en opritten samen 1064 meter
Bij de bouw verplaatste grond 990.000 kubieke meter
Baggerwerk in de rivier 1.830.000 kubieke meter
Betonspecie 96.000 kubieke meter
Wapeningsstaal 9.800 ton
Totale kosten 60 miljoen gulden
(ca. 27 miljoen euro)

 

Steeds meer auto’s

In 1970 reden er per dag 18.150 auto’s, vrachtauto’s en bussen  door de Heinenoordtunnel. In 1972 waren dat er 24.490 per dag, in 1973 30.900, in 1980 50.900, in 1986 52.580 en in 1987 zelfs 56.811 per dag.
Bij de opening van de tunnel was op 30.000 motorvoertuigen per dag gerekend.

bron

‘Bouwdok Barendrecht levert tunnelelementen’, in HSL Bericht, editie Zuidholland-Zuid en Midden, Utrecht, nr. 23, februari 2001, p.4;
‘De nieuwe Oude Maastunnel open!’, Land en water, nummer 3, 1969;
Centrum Ondergronds Bouwen: Capaciteitsprobleem Heinenoordtunnel’, op www.cob.nl;
Peter Pot: ‘De Barendrechtse Brug’, ’s-Gravendeel 1988, p 88, 91;
Arco van der Lee: ‘Terugblik, de Heinenoordtunnel (1)’, in Het Zuiden 15 januari 2004;
Arco van der Lee: ‘Terugblik, de Heinenoordtunnel (2)’, in Het Zuiden 22 januari 2004;
‘Segmenten tweede Beneluxtunnel in aanbouw’, in De Volkskrant 21 januari 1999