Bestuur » Het bestuur tussen het herstel van de di... » De ambachtsvrouw en de Dorpskerk

De ambachtsvrouw en de Dorpskerk

Toen in 1510 werd besloten om in Barendrecht een kerk te bouwen, was de ambachtsvrouw daar nauw bij betrokken. We weten dat uit een oorkonde die bewaard is gebleven.

Elisabeth van Loon was op dat moment ambachtsvrouw van West-Barendrecht en Carnisse. Abt Wilhelmus van de St.-Paulusabdij in Utrecht gaf Elisabeth van Loon en haar erfgenamen het ‘collatierecht’ voor een door haar te stichten kerk op de plaats van de overstroomde kerk van Carnisse. Dat betekende dat de ambachtsvrouw zelf de priester van de kerk mocht benoemen. Tot dan toe deed de abt dat.

Abt Wilhelmus en ambachtsvrouw Elisabeth hadden het over een kerk op de plaats van de overstroomde kerk van het verdwenen Carnisse. Dat de kerk in werkelijkheid op een andere plaats werd gebouwd, was blijkbaar geen probleem. Men koos als bouwplaats in verband met het gevaar van overstromingen voor een ‘vluchtheuvel’. De kerk werd in 1512 in gebruik genomen en bestaat nog steeds.

bron

Stichtingsakte van de Dorpskerk, 1510, collectie Historische Vereniging Barendrecht, naar een origineel in het Rijksarchief Utrecht, familiearchief Van Boetzelaer, inv. Nr. 48;
J.E.J. Blinde: ‘De Nederlandse Hervormde Dorpskerk en haar omgeving’, in ‘Kleine Barendrechtse Historiën’, Barendrecht 1986, p. 7