Bestuur » Het bestuur tussen het herstel van de di... » Heuvelsteyn en Waalesteyn

Heuvelsteyn en Waalesteyn

In het centrum van West-Barendrecht stonden vroeger twee voorname huizen: Waalesteyn en Heuvelsteyn. Ze werden bewoond en verpacht door de familie Outraet, een geslacht van schouten en notarissen. Waalesteyn werd door hen bewoond, Heuvelsteyn werd verpacht.
Waalesteyn was in de zeventiende en achttiende eeuw een voornaam huis met een grote schuur. Het grensde zowel aan de kerk als aan een boomgaard. Heuvelsteyn was een grote boerderij.
De familie Outraet is al lang verdwenen uit het dorp. Als laatste van zijn familie overleed in 1792 de ongetrouwde Bastiaan Outraet.

Maar een van de huizen staat er nog! Waalesteyn is nog steeds een voornaam huis. De grote schuur is verdwenen, maar verder straalt het huis nog steeds rijkdom en klasse uit.

Heel anders verging het de grote boerderij Heuvelsteyn. In 1913 komt de boerderij in het bezit van de familie Gulden, die er een klompenmakerij vestigt. De grote schuur laten ze in 1918 afbreken. Tot kort voor de sloop in 2008 was de oude boerenwoning verdeeld in twee stukken. In het ene deel was automobielbedrijf Frijlink gevestigd. Het andere deel hoorde bij de kapperszaak van De Graaf. De gevelsteen van boerderij Heuvelsteyn zat nog in de voorgevel. Beide ondernemers moesten plaats maken voor het te bouwen appartementengebouw Heuvelsteyn. In juni 2008 brandde het leegstaande pand uit, waarna sloop volgde.

Wat heeft een gevelsteentje te maken met deze huizen?

Boven de ingang van de Dorpskerk is een gevelsteen ingemetseld. Deze herinnert aan de bouw van de kerktoren. Op de steen staat deze tekst:

De eerste steen
gelegd door
Cornelis den Boer
G. zoon
Den 16 mey 1787
Oud 15 iaren

Cornelis heeft op die zestiende mei 1787 in het middelpunt van de belangstelling gestaan in Barendrecht. Hij mocht de eerste steen leggen voor de toren van de Dorpskerk. De Barendrechters zullen het niet zo vreemd gevonden hebben dat hij daarvoor was uitgekozen. Zijn vader was immers Gerrit den Boer, de schout van Oost- en West-Barendrecht en Carnisse.
Het gezin Den Boer woonde in een grote boerderij (‘1e Barendrechtseweg 179’) op de plaats waar nu het vroegere Waterschapshuis staat. Dat gebouw wordt nu door De Gaarde gebruikt als school.
Zoon Cornelis trouwt in 1794 met Maria, de dochter van de schout van Heerjansdam. Het jonge paar gaat wonen in de boerderij van schout Gerrit den Boer. De schout en zijn vrouw verhuizen naar huis Waalesteyn, dat ze hebben gekocht van de familie Outraet. Gerrit overleed daar in 1802.
De pas getrouwde Cornelis wordt niet oud. Hij sterft in 1796, nog maar 24 jaar oud. Hij laat twee kinderen achter: Gerrit en Catharina.
Catharina trouwt later met haar neef Rocus Barendregt van boerderij Heuvelsteyn.

Zo komen we in drie generaties van één voorname Barendrechtse familie drie voorname  woonhuizen tegen: de boerderij 1e Barendrechtseweg 179, huis Waalesteyn en boerderij Heuvelsteyn.

Waar woonde de schout Adriaen Heijndricks?

Adriaen Heijndricks leefde van 1580 tot 1647. Hij was schout van 1609 tot 1636. In die tijd was de Noordhoeve mogelijk al het bestuurscentrum van Carnisse. Een soort gemeentehuis dus.

We weten niet of schout Adriaen Heijndricks. Outraet op de Noordhoeve heeft gewoond. Er is van hem wel een andere woonplaats bekend: Waalesteyn.
In 1628 verkocht hij zijn woning naast de Dorpskerk van Barendrecht aan een weduwe. Dat huis is waarschijnlijk de voorganger geweest van huis Waalesteyn. ‘De weduwe of haar nakomelingen mogen geen tapneeringe doen op eenighe predickdagh’, werd bij de verkoop bepaald. Het verbod om drank te schenken op dagen dat er kerkdiensten waren, was geen idee van de schout. Het was een bepaling die op ‘4 julij 1615’ was vastgelegd door de ‘Groot Mogende Heeren Staten van Holland’. De schout moest hierop toezicht houden.

Schout Adriaen Heijndricks Outraet kocht enkele dagen later een boerderij, eveneens in West-Barendrecht. Dit was het latere Heuvelsteyn. Tot en met 2007 was in het overblijfsel van deze boerderij automobielbedrijf Frijlink gevestigd. Ook aan het nieuwe huis zat een bijzondere bepaling vast. Jaarlijks moest hij 12 gulden betalen voor het onderhoud van het uurwerk van ‘de Kerkck van Barendrecht’. De schout heeft niet in Heuvelsteyn gewoond, hij heeft de boerderij verpacht.

bron

Ir. J.A. van der Giessen: ‘Aen de wegh…, maar aan welke weg?’, in Contactblad 79, p. 6 – 9, Barendrecht juni 1999;
A.M. Overwater: ‘Memorieteksten in en om de Dorpskerk van Barendrecht’, p. 41, Barendrecht 1987;
R.A. West-Barendrecht en Carnisse, deel 1, 1611 – 1641, folio 104, 21 december 1628 en folio 104v, 31 december 1628, Nationaal Archief, Den Haag, afschrift bij HVB;
Ir. J.A. van der Giessen: ‘Waalesteijn’, in Contactblad 102, p. 2 – 7, Barendrecht juni 2005;
A.P. van den Hoek: ‘Het geslacht Van den Hoek uit Ridderkerk’, Heinenoord, 1993, p. 552, 556-559;
Ir. J.A. van der Giessen: ‘De schout stapte op klompen in de auto om naar de kapper te gaan’, in Contactblad 87, p. 6 - 9, Barendrecht juni 2001